Categorie: troost

Gebakken rijst met wat je nog hebt

Of fried rice natuurlijk, want dat klinkt veel lekkerder.

Fried brown rice

Hoe dan ook: dit is nou typisch eten om je koelkast mee op te ruimen. Bijna alles kan erin, ook spullen uit je voorraadkast trouwens.

Dit keer gebruikte ik bruine rijst, want dat had ik nog. Het beste werkt het met rijst van de vorige dag. Omdat dat wat droger is, bakt het beter. Ook die witte rijst die je over hebt van je Thaise afhaalmaaltijd doet het gebakken perfect.

Verder gebruikte ik nu kastanjechampignons, tuinerwten, paksoi, paprika en tomaat voor een kleine groenteninhaalslag en heel veel gember omdat ik daar dol op ben. Andere groenten kunnen ook, net als restjes kip, varkensvlees, gamba’s of tempeh bijvoorbeeld. Op het laatst roer je er ei doorheen; dat geeft het iets heel romigs. Als je liever vegan eet kan ik me voorstellen dat je er wat plakjes avocado op doet op het laatst.
Niet echt een recept dus, dit, maar meer een idee.

Ingrediënten
Voor 2 personen

plantaardige olie (zonnebloem bijvoorbeeld, of rijstolie)
rijst die je over hebt (voor 2 personen ongeveer 4 handen vol)
groenten die je over hebt, gesneden
smaakmakers: verse gember, rode peper, knoflook, bosui, sesamolie, sojasaus, vissaus, verse koriander, sesamzaadjes, sambal (de gele sambal van Hottie vind ik hier HEEL lekker bij)
3 eieren
optioneel: (restje) kip, tempeh of andere proteïne

Bereiding

1. Bak in een ruime pan (liefst een wok) op hoog vuur in een klein beetje olie de groenten met de gember en rode peper. Voeg pas later de knoflook toe, dat verbrandt anders en geloof me: dat is vies.
2. Doe de rijst erbij en eventueel de kip, tempeh of andere proteïne en breng op smaak met een scheutje sojasaus, sesamolie en gebruik vissaus in plaats van zout. Bak nog even mee.
3. Roer de eieren los en giet in de pan. Bak nog ongeveer 1 minuut mee. Serveer in kommetjes met wat bosui, sesamzaadjes, verse koriander en wat sambal on the side.

Bloemkoolsoep met miso & paddenstoelen

Bloemkoolsoep

Het komt er niet erg van de laatste weken: overdag koken zodat er nog enige kans is op een behoorlijke foto.
De redenen daarvoor zijn alleen maar heel ontzettend leuk, dus klagen is volstrekt niet nodig.

Thuis werken heeft nogal wat voordelen: zo kan je bijvoorbeeld lekker soep maken voor de lunch. Ik gebruikte nu bloemkool, en deed er miso EN paddenstoelen bij voor heel veel umami.

Ingrediënten

beetje ghee (of kokosolie)
2 witte uien, gesnipperd
1/2 spaanse peper
2 teentjes knoflook, fijngesneden
1 flinke bloemkool, in roosjes
sap van 1 sinaasappel (kun je ook weglaten)
+/- 1  1/2 liter groentenbouillon
2 eetlepels witte misopasta (toko)
zout en peper

+/- 250 gram paddenstoelen naar keuze, fijngesneden
rasp van 1 citroen
optioneel: platte peterselie

Bereiding

  1. Fruit de ui met de peper in een pan met dikke bodem in wat ghee, en voeg er na een paar minuten de knoflook aan toe. Doe daarna de bloemkool erbij en bak even mee. Blus af met de bouillon en eventueel het sinaasappelsap.
  2. Laat koken tot de bloemkool écht goed zacht is, minimaal een half uur. Ik doe het altijd te snel – ongeduldig – en dan blijft het een beetje korrelig.
  3. Bak ondertussen de paddenstoelen in een gloeiendhete pan met dikke bodem in maar een piepklein beetje ghee. Breng pas op het laatst op smaak met citroenrasp, zout en peper.
  4. Voeg de miso toe en pureer de soep met een staafmixer of blender mooi glad en proef of ie op smaak is. Serveer met een schepje paddenstoelen en misschien nog wat platte peterselie.

Dieren eten en wortelsoep met karwij en ricotta

Afgelopen stond ik met Em op VegFest, om de vegan producten Dee’s daar te laten proeven.
Leuk, vooral omdat we dan toch een soort van kunnen koken samen.

Wortelsoep

Die vegan events zijn bij uitstek een gelegenheid om mijn eigen vleeseten (niet mijn eigen vlees eten, begrijp me niet verkeerd) te heroverwegen. Zeker toen er een cameraploeg voorbijkwam van de VARA, en we werden bevraagd door Tim den Besten (die van Quinoakutten). Hij vertelde dat hij zich bezwaard voelt omdat hij van dieren houdt, maar ze óók opeet. Vond hij hyprocriet, en dat is precies het gevoel dat ik vaak heb over het feit dat ik vlees eet.

Toen ik 5 was werd ik vegetariër, nadat mijn vader heel eerlijk had geantwoord op mijn vraag waar de varkens in een passerende vrachtwagen heen gingen. Dat hield ik vol tot ongeveer mijn vijftiende: zonder knakworstjes en met de super vieze groenteburgers van die tijd. Na een paar jaar bijna niets gegeten te hebben doordat ik ziek was, ging ik over op vegan eten. Dat was voor mij toen een ontzettend goede manier om weer langzaam aan eten te wennen, zeker ook omdat ik dierlijke producten fysiek simpelweg niet kon verteren. Zegt wel wat volgens mij.

Nu eet ik weer regelmatig vlees, maar vind ik ondertussen dat al die mensen op VegFest een veel sterker punt hebben dan ik. Leuk hoor, dat ik vrijwel alleen maar biologisch vlees eet, en niet zo vaak. Maar ik eet die dieren nog steeds, met als enige argument dat ik het te lekker vind om niet te doen. En misschien is een ander argument dat het volgens mij veel beter is als iedereen minder vlees gaat eten, dan dat een klein groepje die-hard vegan is. Zwak, zeker als je hoort wat er allemaal op tegen is om vlees te eten.

Van de vijf minuten die we met Tim hadden is alleen onze quote dat we niet vegan zijn, overgebleven in de montage. Logisch. Achteraf is er dan alleen zo veel dat je eigenlijk wilt zeggen, maar daar zijn we helemaal niet belangrijk genoeg voor natuurlijk. De hele vegan scene roept bij veel mensen veel weerstand op, maar dat ligt denk ik vooral aan de vorm. Hun mening snijdt meer hout dan die van vegetariërs, hoewel dat natuurlijk ook al een goede stap is en beter dan dat ik doe. Want: door melk en kaas te eten zorg je net zo goed dat de hele vleesindustrie in stand wordt gehouden. Want die mannetjesdieren geven heus geen melk hoor, en die mogen ook niet ergens vrij blijven rondlopen tot ze zelf graag dood willen. Bij Zondag met Lubach werd gister even aandacht besteed aan het onderwerp ‘Minder vlees eten’. Dat is precies de toon die nodig is denk ik. Scherp, grappig en luchtig – maar wel heel goed onderbouwd en feitelijk. Dat laatste is vooral belangrijk, omdat emotie in dit onderwerp makkelijk de overhand neemt.

Voorlopig blijf ik hypocriet, vooral omdat ik zo blij ben dat ik alles weer mag eten van mezelf. Af en toe vlees en kaas vind ik zó lekker dat ik dat blijf eten. Heel egoïstisch. In ieder geval zal ik nooit, zoals Tim zei, vlees eten en dan niet door hebben dat het vlees is.

Tijd voor soep na dit lange verhaal.
Wortelsoep met karwij, een kruid dat ik pas helemaal heb ontdekt.
Helemaal vegan, tot je er een schepje ricotta in doet.
Hoeft niet, heb ik voor de foto wel gedaan.
De mooie servetten zijn trouwens van emma b, de prachtigste woonwinkel die ik ken.

Ingrediënten
Voor een pan soep

1 kilo winterwortels, in stukken
2 uien, in stukken
2 tenen knoflook, in stukken
1/2-1 rode peper (soms heb je van die pepers die smaken alsof het paprika is, dan moet er veel in – ken je peper)
1 eetlepel karwijzaad
+/- 1 1/2 liter groentebouillon (ik doe gewoon water en voeg afhankelijk van hoe veel dat is de blokjes toe – 1 per 1/2 liter)
kokosolie
zout en peper
optioneel: ricotta

Bereiding

1. Verhit wat kokosolie in een soeppan en voeg als het warm is de karwij toe. Als de zaadjes beginnen te poffen doe je de uien erbij, en een paar minuten daarna de knoflook en wortel. Bak even mee.
2. Blus af met bouillon, tot alles net onder staat. Breng aan de kook en pureer na ongeveer een half uurtje. Proef en breng op smaak met zout en peper.
3. Maak af met een schepje ricotta als je niet vegan eet. Wat geroosterde pitten is ook lekker, of een schepje kokosmelk. Heb je er helemaal geen dieren voor nodig.

 

Fregola met ingemaakte citroen en abrikozen

Ik was nooit zo pasta-ey, maar sinds ik samenwoon is dat een beetje veranderd.
Hij is namelijk gek op pasta, en eet het liever drie dan één keer per week.
We eten dan vaak verstandige volkorenpasta, van spelt of kamut bijvoorbeeld.
Dat laatste maakte hij deze week zelf, het recept daarvoor zal ik hem ontfutselen en hier delen.

Oók pasta, maar dan anders, is fregola. Of fregula, over de spelling is de wereld het niet helemaal eens.
Deze Sardijnse pasta leerden we ooit kennen dankzij Yvette, en doet een beetje denken aan parelcouscous.
Ik ontdekte dat naast Gran Sardegna ook Thull’s het verkoopt, op de Pretoriusstraat in Amsterdam.
Sowieso een goed excuus om daar eens te gaan kijken, want Simone verkoopt alleen maar lekkere dingen.

Deze salade bedachten we voor FoodWeLove (en daar maakten we ook deze foto), en blijft een van mijn lievelingsdingen.

IMG_3493

Ingrediënten
Voor 2 personen met leftovers voor de lunch de volgende dag.
Want dat wil je.

250 gram fregola (of vervang door parelcouscous)
handje abrikozen
handje pistache of amandelen (ongebrand en ongezouten), fijngehakt
1 ingemaakte citroen, de schil
1⁄2 theelepel kaneel
bosje platte peterselie
olijfolie
zout en peper

Bereiding

1. Kook de fregola ongeveer 8 minuten in gezouten water.
2. Rooster de pistache of amandelen in een droge koekenpan en hak in stukjes. Snijd de abrikozen en schil van de ingemaakte citroen in kleine blokjes.
3. Giet de fregola af en meng met een flinke scheut olie, kaneel, abrikozen en citroen. Breng op smaak met peterselie, zout en peper.
Fregula

Vet goed vet en zoete aardappelcurry

In de Indian Food Festival FoodWeLove box zat een potje Ghee Easy. En sindsdien ben ik fan.

Vet goed vet noemen de mannen van Ghee Easy het zelf. Indiase geklaarde boter, maar gemaakt in Bunnik met oer-Hollandse bioboter uit de Weerribben in plaats van melk van heilige koeien uit India. Perfect om Indiaas mee te koken maar eigenlijk om altijd in te bakken, braden en frituren.

Ik gebruik het in plaats van kokosolie. In soep, in de havermoutcakes van Yvette of in een curry bijvoorbeeld.

Mijn zoete aardappelcurry is inmiddels een klassieker (in de zin van dat ik iedereen die ik ken er al mee doodgegooid heb), en kun je goed maken met een beetje ghee.

Ghee Easy

Ingrediënten
Voor twee personen met honger of vier bescheiden eters

2 uien, in stukken
1 teen knoflook, fijngesneden of uit de pers
1 Spaanse peper, in ringen en zaadjes verwijderd
1 eetlepel Ghee Easy (of vooruit, kokosolie als je dat niet hebt)
4 zoete aardappels, geschild en in grove stukken
1 blikje kikkererwten
2 eetlepels Indiase currypasta (van Sharwoods of Patak’s bijvoorbeeld)
2 trostomaten, in stukjes
1 blikje kokosmelk (bio of die van fair trade vind ik het lekkerst)
bosje koriander, fijngesneden
zout

optioneel: naan, pappadums, mangochutney en Griekse yoghurt

Bereiding

1. Fruit in een eetlepel ghee de ui en knoflook met de Spaanse peper een paar minuten in een pan met dikke bodem.  Voeg de currypasta, zoete aardappel, tomaten en kikkererwten toe en bak alles nog een paar minuten mee.
2. Giet de kokosmelk erbij en een blikje water. Laat 20-30 minuten zachtjes pruttelen.
3. Breng op smaak met zout en serveer met een beetje of een heleboel koriander naar smaak. Lekker met pappadums of naan, en een beetje mangochutney. Een beetje Griekse yoghurt met fijngesneden komkommer, munt en wat zout erbij is ook een heel goed idee.

foto 2-6

Courgettesoep met avocado en waterkerspesto

Van recepten voor soep kun je er nooit te veel hebben als je het mij vraagt.

Deze courgettesoep is budget-proof, lekker, en niet onbelangrijk: doodsimpel.
De waterkerspesto maakt ‘m net iets fancier, maar die kun je ook weglaten.
In plaats van pecorino kun je daarin ook Parmezaan gebruiken, of er helemaal geen kaas in doen.
Als je geen waterkers kunt vinden is rucola een goed alternatief.

Courgettesoep
Het geheim van lekkere soep is geloof ik vooral dat je de groenten echt even mee moet bakken, in plaats van het alleen te koken en pureren. Dat geeft een heleboel smaak die je anders mist.

Ingrediënten
Soep voor twee personen, of twee dagen

4 courgettes, in stukjes
2 uien, gesnipperd
2 tenen knoflook, fijngesneden
1/2 rode peper, fijngesneden
1/2 avocado
bouillon van een bio-bouillonblokje
ghee of kokosolie
zout en peper

Voor de pesto

2 handen waterkers
2 handen ongebrande, ongezouten pitten en/of noten (ik gebruikte cashews en pompoenpitten)
klein handje geraspte pecorino
1 teen knoflook
rasp en sap van 1 citroen
lekkere olijfolie
zout en peper

Bereiding

1. Fruit de ui met de knoflook en het pepertje in een beetje ghee of kokosolie in een soeppan. Voeg na een paar minuten de courgette toe en bak even mee op matig vuur. Voeg als het gaat aanbakken een klein beetje water toe.
2. Blus na een minuut of acht af met de bouillon tot alles net onder staat en laat zachtjes koken, tot de courgette zacht is (ongeveer 20 minuten). Maak ondertussen de pesto door alle ingrediënten behalve de olie, zout en peper in het molentje van je staafmixer of keukenmachine te doen en tot een pasta (pesto, HA) te malen. Voeg nu een flinke scheut olie toe, maal nog even kort en breng op smaak met zout en peper.
3. Pureer de soep met de avocado glad, breng op smaak en serveer door een flinke lepel pesto in een kommetje te scheppen en daar de soep bij te gieten. Afmaken met wat geroosterde pitten is áltijd een goed idee.

In de koelkast kun je de pesto goed bewaren door hem te overgieten met een laagje olijfolie. Lekker op dat notenbrood van Sarah.